(Interview) ‘Ik zorg dat de stem van de klant de aandacht krijgt die het verdient.’

Sanne Kempers was ooit het meisje uit het Zuiden dat heel graag naar de Randstad wilde. Sinds september werkt ze bij Blauw als Research Consultant Customer Journey. Sanne is voor de tweede keer werkzaam bij Blauw: ongeveer 15 jaar geleden volgde ze een studie psychologie en ze maakte al tijdens een stage bij Blauw Research kennis met het onderzoeksvak. Daarna werkte ze onder andere bij een service design bureau, waar ze veel kennis en ervaring opdeed over het onderzoeken van customer journeys. We vroegen aan Sanne of ze zichzelf wilde voorstellen. Wie is Sanne? Hoe kwam ze bij Blauw terecht? Wat is haar kijk op customer journeys? Wat doet ze graag in haar vrije tijd?

Zou je jezelf kunnen voorstellen?

Ik ben Sanne en 39 jaar. Ik ben opgegroeid in het Zuiden, maar woon tegenwoordig in Utrecht. Ik heb twee kinderen van zes en acht jaar. Een tijdje terug heb ik psychologie gestudeerd, daarin werd ik gedreven door wat mensen beweegt. Mijn interesse ging voornamelijk uit naar de ‘normale mens’, dus niet per se naar het afwijkende. Ik vond het heel boeiend om me te verdiepen in de cognitieve functies van ons brein, hoe de hersenen werken. Eigenlijk datgene wat mensen ‘mens’ maakt. Na de studie psychologie heb ik een aantal vakken in Tilburg gevolgd om meer te leren over consumentengedrag.

Hoe kwam je bij Blauw terecht?

Ik was een meisje uit het Zuiden van het land dat heel graag naar de Randstad wilde. Zo kwam ik bij Blauw terecht voor een stage. Tijdens die stage ontdekte ik dat het zakelijke leven niet altijd alleen maar formeel hoeft te zijn, het kan ook informeel en gezellig zijn. Na die stageperiode heeft Blauw altijd een mooi plekje in mijn hart gehouden, ook al ben ik uiteindelijk bij een ander onderzoeksbureau aan de slag gegaan. Na vele jaren marktonderzoek wilde ik graag wat anders (…)’

Klik hier om de volledige casebeschrijving verder te lezen op de website van Blauw Research.

Wil jij weten wat ik als tekstschrijver en interviewer voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

Wijnanda ervaart soms nog ‘chemobreinklachten’ na borstkanker

Na de eerste chemokuur stopt Wijnanda Heslinga (55) tijdelijk met haar werk als creatief coach en counselor. “Ik voelde me ziek. Daarbij kon ik me slecht concentreren en was ik snel vermoeid. In mijn herstelperiode zocht ik naar oplossingen voor mijn ‘chemobreinklachten’. Tegelijkertijd bleef ik focussen op het positieve, wat ik allemaal wél kon doen. Maar soms was ik verdrietig, dat gevoel liet ik er ook zijn.”

In 2013 ontdekt Wijnanda een knobbeltje op haar borst. Ze heeft borstkanker. “Dit overviel me enorm. De ene dag ben je actief aan het werk, maak je plannen en ineens wordt alles stilgezet. Mijn man had zijn moeder op jonge leeftijd aan kanker verloren, het was voor ons een heftige ervaring. Maar ik had vertrouwen in de artsen en de behandelingen, al zag ik soms ergens tegenop of was ik verdrietig. Bijna alle emoties kwamen voorbij. Onze jongvolwassen kinderen, vrienden en familie bemoedigden ons.

Tussen de bestralingen en chemokuren door ging ik met mijn man op vakantie. We wilden naar de top van de berg Nendaz in Zwitserland. Het eerste stuk gingen we met de kabelbaan en het laatste stuk wilden we wandelden. Halverwege dacht ik: ik kan niet meer… maar ik wil niet opgeven. Ik ging zitten en keek rond naar de bergen. Ik besefte dat God zoveel groter is dan die bergen, ook dan die komende chemobergen. En dat Hij – wat er ook gebeurt – stap voor stap met mij meegaat. Ik dacht aan mijn man en gezin, lieve mensen en alle positieve dingen die op mijn pad kwamen. Die noemde ik ‘de bloemen op mijn pad.’ Toen kon ik weer verder.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Hoe Maartien omgaat met cognitieve problemen na kanker

Maartien (50) had vier jaar geleden borstkanker. Sindsdien ervaart ze cognitieve problemen. “Laat mij maar een wandeling maken met mijn demente moeder. Heerlijk rustig. Weinig praten. Wel vlinders zien fladderen en samen lachen om de vraag of een eend nou twee of drie poten heeft…”

In de zomer van 2016 voelt Maartien een bultje op haar borst. De diagnose luidt: borstkanker. Ze ondergaat chemotherapie, twee operaties, hormoontherapie en een aantal bestralingen. “Veel mensen zeggen: ‘Jij hebt vast een zware tijd gehad.’ Daar kan ik me absoluut niet in vinden. Natuurlijk waren er spannende momenten, maar God liet zoveel van zijn goedheid zien, dat mijn ziekteperiode juist voelt als een mooie tijd. Voor de bestralingen lag ik bijvoorbeeld in een apparaat. Dat vond ik eerst heel benauwend, totdat ik het lied ‘De Heer is mijn Herder’ in mijn hoofd kreeg. Ik voelde en wist dat God me leidde, dat gaf rust.”

COGNITIEVE PROBLEMEN NA KANKER

Naarmate de chemo’s vorderde, begon Maartien veel mensen en activiteiten te mijden. ”Ik genoot ervan om met mensen te praten en bijeenkomsten te bezoeken. Ook kerkdiensten. Maar nu werd ik al angstig bij het idee dat ik onder de mensen moest komen. Ik ging nog wel naar de kerk, maar na afloop direct naar huis om gesprekken te voorkomen. Ik zong ook niet meer mee tijdens de dienst, want dan kon ik het niet uitzitten. Zo moe maakte me het. Nu, vier jaar later, ervaar ik nog steeds cognitieve problemen na kanker. Ik lees graag boeken, maar lezen houd ik niet langer dan een halfuur vol. Even een praatje met mijn vader die naast ons woont in een mantelzorgwoning? Laat mij maar een wandeling maken met mijn demente moeder. Heerlijk rustig. Weinig praten. Wel vlinders zien fladderen, eenden bekijken en samen lachen om de vraag of een eend nou twee of drie pootjes heeft, want dat vraagt ze zich dan af.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Vera’s man had jarenlang heftige psychoses

‘Vera*’s (38) man (39) Wim* heeft schizofrenie en is daardoor gevoelig voor psychoses. “Jarenlang waren er heftige periodes waarin hij psychoses ervaarde. Zijn alcoholverslaving maakte de situatie nog erger. Ik herkende Wim niet meer als mijn lieve man en vroeg me af of ik zo wel met hem verder wilde.” 

Als Vera 27 is, krijgt ze een relatie met Wim. Een jaar later, in 2010, trouwt het verliefde koppel. “Die periode bracht veel veranderingen met zich mee. We trouwden, gingen op huwelijksreis, kochten een huis, verbouwden en verhuisden. Tijdens die veranderingen merkte ik dat Wim het steeds moeilijker vond om taken op te pakken. Hij kreeg ook ander werk. De werkdruk ervaarde hij als zo hoog, dat hij thuis steeds meer alcohol nuttigde. Na anderhalf jaar hield hij het werken niet meer vol en meldde hij zich ziek.”

PSYCHOSES

Zodra Wim thuisblijft van zijn werk, merkt Vera dat het niet goed met hem gaat. “Hij was steeds vaker verward of agressief, naar zichzelf toe, maar ook verbaal naar mij. Hij begon ineens te vloeken, zocht iets wat hij niet kon vinden, verwondde zichzelf door met zijn hoofd tegen de muur te bonken of trapte met zijn voet tegen de trap. Later kon hij zich niets van al deze gebeurtenissen herinneren. Door gesprekken met hulpverleners en pastorale zorg kwamen we erachter dat Wim last had van psychoses. Dit ervaarde ik als heel heftig. De eerste keren probeerde ik Wim terug te brengen in de realiteit, maar dit kostte mij veel energie en hem veel frustraties. Daarna ging ik mee in het verhaal, niet door te zeggen dat ik zag wat Wim zag, maar door te bevestigen dat het heel naar was wat hij ervaarde.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Ingeborg had een bijna-doodervaring

Ingeborg (48) was dertig weken zwanger en lag in het ziekenhuis, omdat ze te veel bloed verloor. Als de buikpijn op een gegeven moment zo heftig is, denkt ze te sterven: “Eerst werd het donker om me heen, daarna was ik even bij God in de hemel. Het was er zo mooi en ik voelde me zo intens geliefd! Maar toen ik terugkwam op aarde voelde alles heel dubbel.” Ze vertelt over haar bijna-doodervaring.

Het is 1999 als Ingeborg zwanger is van haar zesde kindje. Samen met haar man Karel heeft ze al vier zonen, de vijfde baby heeft ze tijdens de zwangerschap verloren. “Ik vloeide heel erg in mijn baarmoeder, daardoor zat daar bijna alleen maar bloed en geen vruchtwater. Geen arts kon me vertellen wat er precies misging. Toen ik weer zwanger werd, had ik dezelfde symptomen. De gynaecoloog zei tegen mij: ‘Je kunt beter de begrafenis regelen in plaats van je voorbereiden op een baby’.”

GODS BELOFTE

Een wijkouderling uit de gemeente komt bij Ingeborg en Karel op bezoek, omdat hij hoorde dat het gezin zich moest voorbereiden op een stervende baby. “Deze beste man had een Bijbeltekst in zijn hoofd. Het was Johannes 9 vers 3: ‘Gods werk zal door hem zichtbaar worden.’ Dit was voor mij een teken dat God zei dat mijn kind zou leven, want in een dood kind kan God geen werk doen, in een levend kind wel. Die gedachte bemoedigde mij. Wat de artsen ook bleven zeggen, ik hield vast aan Gods belofte.” (…)”

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Zoë werd gepest en belandde in de schulden

Zoë* (33) was een echt paardenmeisje, maar werd op de basisschool gepest. “Na school stonden de pesters me op te wachten, en sloegen me in elkaar. Lag ik daar weer, tussen de rozenbottelstruiken en hondenpoep.” Op haar drieëntwintigste had ze 10.000 euro schuld omdat ze jarenlang probeerde erbij te horen. 

Klasgenoten gooiden stukjes kapot gekauwde gum of papier naar Zoë toe. “Daar bleef het niet bij. “Ze noemden me ‘Lelijk’. Als ik na school naar huis fietste, stonden de pesters mij op de hoek van de straat op te wachten. Op dat moment was ik van binnen al verlamd van angst. Ze trapte me van mijn fiets en sloegen me in elkaar, ik zie mezelf nog vallen tussen de rozenbottelstruiken en hondenpoep. In tranen liep ik met mijn kapotte fietsje naar huis. Niemand hielp me. Mijn ouders gaven me enigszins troost thuis. De volgende dag zat mijn lichaam onder de blauwe plekken.”

‘ANDERS’

Zoë woonde in een Zeeuws dorp, maar haar ouders kwamen uit de buurt van Rotterdam. “We zongen weleens een Zeeuws versje in de klas, maar ik kon die woorden niet goed uitspreken. Klasgenoten lachten me uit. Ik voelde me ‘anders’. Ik was daarnaast een echt paardenmeisje, anderen hielden meer van voetbal of barbies. Ik had het gevoel dat ik er niet bij hoorde. In de kerk voelde ik me echter nooit anders, dat was echt een plek waar ik me prettig voelde. De Bijbelverhalen die de voorganger vertelde, gaven me daarbij kracht, dan leek mijn leed ineens niet meer zo erg.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Jans was heel gelukkig, toch belandde ze in een burn-out

Jans (49) deed haar werk en vrijwilligerstaken elke dag met volle plezier. “Die burn-out zag ik daarom niet aankomen.” Maar in de periode die volgde, leerde God haar iets: “Ik moest eerst mezelf opnieuw ontdekken, voordat ik mijn verlangen om andere vrouwen te helpen, kon waarmaken.”

Henk, de man van Jans, werkt als coördinator bij Open Arms, een christelijke vrijwilligersorganisatie in de Rotterdamse wijk Prins Alexander. De stichting huisvest zich in Het Palet, een voormalig schoolgebouw. Daar creëren vrijwilligers ontmoetingsmomenten en activiteiten voor buurtgenoten die niet meer aan de arbeidsmarkt kunnen deelnemen. Jans was een paar jaar geleden nog enorm betrokken bij deze bezigheden: “Ik vond het heerlijk om mensen te leren kennen en mee te draaien bij de wijkmaaltijden, taallessen, de kringloopwinkel en het ontmoetingscafé.”

HET VERLANGEN

Jans krijgt in 2017 samen met vier andere vrouwen het verlangen om een activiteit in het leven te roepen voor een nieuwe doelgroep: vrouwen tussen de dertig en zestig jaar met al wat oudere kinderen (of zonder kinderen). Jans komt met de vrouwen bijeen om te brainstormen. “We hadden wat ideeën voor een initiatief, maar we ervaarden geen bevestiging van God met welk concreet plan we aan de slag konden. Uiteindelijk legden we de ideeën naast ons neer en ging ik vrolijk verder met alle andere activiteiten en met mijn werk als leerkracht in het speciaal onderwijs, met kinderen met gedragsproblemen.”

‘Ik was leeg, alsof mijn ventiel eruit werd getrokken’

In de zomer daarop gaat Jans met haar gezin op vakantie naar Frankrijk. Met geen mogelijkheid kan ze zich ontspannen. “Ik voelde me continu angstig en bezorgd. Dat vond ik raar. Ik vertelde het aan mijn man en besloot dat ik na de vakantie met de huisarts zou gaan praten. Maar aan het einde van de vakantie kwam de genadeklap al. Ik stootte mijn hoofd zo hard tegen een balk dat ik een hersenschudding opliep. Twee weken lang mocht ik niet werken, maar na die weken kon ik niet verder. Ik was leeg, moe en huilde aan één stuk door, alsof mijn ventiel eruit werd getrokken.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Mettine werd als tiener gepest vanwege haar krullen

Mettine (27) geniet met volle teugen van haar sociale leven, maar vroeger was dit anders. “Vanaf groep acht tot en met de middelbare school werd ik gepest. Klasgenoten riepen ‘schaap’ naar me, vanwege mijn krullenkop. Maar na een heftig proces van jaren, waarin ik mijn identiteit in God leerde kennen, zie ik in de spiegel eindelijk een zelfverzekerde vrouw met prachtige krullen.” 

Mettine zat in groep acht en zou samen met haar vriendinnen naar de middelbare school gaan. Mettine: “Ik vond het een fijn idee om samen die overstap te maken, want dan hoefde ik niet alleen ergens opnieuw te beginnen. Achteraf gezien werd ik in groep acht al door die meiden gepest, maar dat besefte ik pas op de middelbare school.” Mettine had als twaalfjarig meisje een bos krullen op haar hoofd. “Ze noemden me ‘schaap’ en maakten schaapgeluiden als ze mij zagen.” Op de middelbare school gingen andere klasgenoten mee in het pesten. Wanneer ze samen met een grote groep naar school ging, en iedereen twee aan twee fietste, fietste Mettine in haar eentje voorop. “Niemand wilde naast ‘het schaap’ fietsen.”

HET SCHAAP

“Achter mij hoorde ik ze allerlei verhalen over ‘het schaap’ vertellen, die waren niet leuk. In de klas gooiden ze propjes papier in mijn haar. Niemand wilde naast me zitten en ik werd ook nooit uitgenodigd voor feestjes. Ik had echt het gevoel dat ik niet goed genoeg was en er niet bij mocht horen. Ik voelde me lelijk, omdat ik dat volgens hen was. Ook las ik gemene uitspraken over mij in de MSN-status van klasgenootjes. Veel kinderen in het dorp waar ik woonde zagen mij ook als ‘het schaap’ en wilde daarom niet met mij spelen. Gelukkig had ik wel een paar vriendinnen buiten mijn klas om, maar die zag ik niet heel vaak.” (…)’

Klik hier om het volledige artikel verder te lezen op de website van Eva.

Wil jij weten wat ik als journalist voor jou kan betekenen? Kijk dan bij ‘Info’ of neem contact met me op via het contactformulier of via deborahdemeijer@gmail.com

(Interview) Simone van der Vlugt: ‘Met één bewust gekozen woordje kun je informatie geven’

“De wijnrode gordijnen hangen in sierlijke plooien voor de ramen van café het Gulden Vlies in Alkmaar. Het is een detail dat me opvalt voordat schrijfster Simone van der Vlugt het café binnenwandelt. Van der Vlugt weet als geen ander hoe belangrijk details zijn in een verhaal. Waarom zijn ze zo belangrijk? Hoe kies je de juiste details uit? En hoe verwerk je die in een verhaal?”

Lees verder “(Interview) Simone van der Vlugt: ‘Met één bewust gekozen woordje kun je informatie geven’”

(Interview) Mohammed Benzakour: ‘Schrijven is een levensgevoel’

“Mohammed Benzakour (1972) verhuisde als kind samen met zijn moeder en broers naar Nederland, omdat zijn vader hier als gastarbeider werkte. Zijn meest recente boek is 10 op een ezel. We vroegen hem naar schrijftips: ‘Ik snak naar soevereine, autonome individuen, in de literaire en in de recensentenwereld.'”

Lees verder “(Interview) Mohammed Benzakour: ‘Schrijven is een levensgevoel’”